Indian Railways, of toch maar de NS?
Qua ergernis scoren de Nederlandse Spoorwegen een dikke tien op de schaal van één tot en met tien. ‘Je zal er maar werken’, ‘sukkels’, ‘of het nu herfst (bladeren), zomer (hitte) of winter (sneeuw) is, er is altijd iets’. Zie je, zo ergeren ook wij ons Cheqqergroen en geel. Maar, wij hebben het goed, lieve mensen. We moeten de NS eigenlijk op handen dragen, want oh oh, wat kunnen we gelukkig zijn, ja zelfs met het feit dat de werkzaamheden bij Schiphol nog maanden gaan duren.
Want, in India denken ze: hadden we maar werkzaamheden. Er gebeuren regelmatig ongelukken op de duizenden kilometers spoor in dit grote, indrukwekkende land. Op 19 juli vielen er nog minstens 57 doden door een botsing tussen twee treinen, die ‘per ongeluk’ op hetzelfde spoor terecht kwamen. Ik durf het niet compleet met zekerheid te zeggen, maar het is vrij onwaarschijnlijk dat dit ook in Nederland zal gebeuren.
Zijn reizen in de NS treinen in Nederland ronduit saai te noemen, dát kun je dan weer niet zeggen van de treinen in India. Ik zat regelmatig in een trein in India en het is precies zoals in de film; mensen hangen uit het raam (voor zover dat kan met de spijlen ervoor, de enige vorm van ‘veiligheid’) en de deuren waren open of zaten er gewoonweg niet in. Alle plaatsen waren bezet, het is er ontzettend heet, de locals staren je met open mond aan en alles is smerig en plakt aan je lijf. Heb je een sleeper, dan is het nóg meer fun; de bedden zijn van een soort zeil, dat zich in die hitte aan je vastzuigt, ranzig! Maar het ergste is nog: de ratten en kakkerlakken in de treinen.
Op het station in Dehli stond in geniaal gebrekkig Engels: ‘Register here for cockroaches and rats’. Zo van: ratten en kakkerlakken hier melden. Maar ze bedoelden natuurlijk dat je daar naartoe moet gaan, mocht je een kakkerlak spotten. Als er iéts ‘voor de vorm’ gedaan wordt, is dit het wel. Als ik elke kakkerlak in een trein in India moet gaan registreren…poeh. T is dat ik in die tijd nog onwetend was; ik wist niet dat die gigantisch ranzige reuzen insecten, waar je echt van moet overgeven als je er alleen al naar kijkt, konden vliegen. Ik dacht: als ik gewoon in dat bed blijf zitten, kunnen ze niet naar me toe. Nou uhhh, wel dus, maar gelukkig kwam ik daar na mijn India reis pas achter.
Dus mensen, dit was even een reminder; in India gebeuren er vreselijke ongelukken in de trein en word je vergezeld door ongewilde vrienden, de NS laat het alleen maar tien keer per dag afweten, wat is daar nu erg aan? Moraal van het verhaal: ga eens wat vaker met de trein, waar ook ter wereld, das ook nog goed voor het milieu!
Nederlands Werelderfgoed!
Deze week wordt dé beslissing genomen: komt de binnenstad van Amsterdam op de Werelderfgoedlijst, ja of nee? Zo ja, dan kunnen we eeuwige bescherming van onze mooie scheve grachtengordel verwachten. Zo nee, dan is het extra pijnlijk, want dan mogen we die scheve huisjes ook nooit meer opgeven aan UNESCO. There is only one chance!
De Werelderfgoedlijst is in het leven geroepen om wereldeigendommen te beschermen. Een wereldeigendom kan van alles zijn; een buitengewoon menselijk bouwsel, zoals de Chinese Muur, een monumentaal pand, een gebied met exceptionele natuurlijke schoonheid, of een gebied met een unieke biodiversiteit bijvoorbeeld. De Amsterdamse grachtengordel is duidelijk een plekje op de Werelderfgoedlijst waard; het is van een unieke architectuur die nergens anders ter wereld op deze schaal en schoonheid voorkomt. Op dit moment bevat de Werelderfgoedlijst 890 erfgoederen in 145 landen. Uit Nederland staat bijvoorbeeld de Waddenzee op de lijst en ook de binnenstad van Willemstad, Curaçao, heeft een plekje veroverd. Laten we hopen dat de grachtengordel uniek genoeg is.
Een uitstapje naar de Nederlandse gebieden die op de Werelderfgoedlijst staan.
Schokland is een gebied dat in 1859 moest worden geëvacueerd omdat het water te hoog kwam te staan. In 1940, met de drooglegging van de Zuiderzee, werd ook Schokland weer drooggelegd en sindsdien symboliseert het de eeuwenlange strijd die de Nederlanders al voeren tegen het feit dat we beneden zeeniveau liggen.
De Nederlandse ‘verdedigingslinie’, een muur opgezet om het water tegen te houden. Dit fort werd bewaakt door 45 gewapende troepen en deze troepen werkten samen met het getij van het water, zo was deze verdedigingsmuur uitermate effectief.
Kinderdijk, de prachtige rij met windmolens. Supermooi, eeuwen geleden handgemaakt door Nederlanders. Dit vertelt een geschiedenis die ook weer te maken heeft met het verslaan van onze natuurlijke ‘vijand’, het water.
De Beemster Polder, een masterpiece op het gebied van het terugwinnen van land. Dit gedeelte is ‘gered van de ondergang’ en drooggelegd, zodat zijn unieke landschap van velden, dijken en kleine kanaaltjes behouden kon worden.
Het Rietveld huis is natuurlijk een uniek werk van Rietveld, en weerspiegelt de ideeën van de kunststroming De Stijl.
De Waddenzee, prachtig om doorheen te wandelen, met een unieke biodiversiteit en een uniek, zeer kwetsbaar landschap.
Disneyland, niet alleen voor de kids!
Disneyland, een superleuk attractiepark! Ja, voor kinderen ja. Nee hoor, wij van Cheqqer vinden van niet. We zijn namelijk zelf even in Disneyland Parijs geweest en het was er écht leuk. Je waant je even in een droomwereld en dat is altijd leuk.
Er zijn enge, snelle achtbanen, maar ook minder heftige attracties. En trouwens, je hoeft helemaal nergens in als je niet wil; een beetje rondsnuffelen overal is ook leuk. Mocht je je even écht willen laten gaan, dan kun je heel cheeky op de foto met Pluto of Mickey Mouse en dan natuurlijk die foto aan de muur hangen.
Natuurlijk is het verblijf in een Disney hotel essentieel voor de maximale fun. Het Disney Hotel New York is gelegen net naast de Disney Village en heeft daarmee de kortste loopafstand vanaf het park. Disney wordt ook constant vernieuwd natuurlijk; er komen altijd nieuwe attracties en thema’s bij. Beste reistijd: in de zomer, dan is het én lekker weer, en dan is het park voor ons grotere kids tot elf uur ’s avonds open!
Geschreven door: Marry van Duijvenboden
Zwarte stranden en glinsterende gletsjers
Jökulsárlón, een drijvende gletsjer in het schijnbaar ‘natste’ deel van IJsland. Daar gingen we heen en meteen stond ons een mooie verrassing te wachten: wat een geweldig mooi uitzicht. Houd je van witte stranden? Nou, probeer eens een pikzwart strand, das net zo de moeite waard. De Jökulsárlón gletsjer was prachtig. Zeker omdat we hem zagen om twee uur ’s nachts. Soms moet je gewoon even weg van al die toeristen die overal maar met busladingen aankomen. Wij wilden dus ’s nachts naar de gletsjer gaan, ook omdat het, zo hadden we gehoord, witte ijs mooi af zou steken tegen het zwarte strand. Want dat hadden we nog nooit gezien, een pikzwart strand, en het was zó mooi, het was adembenemend. We zaten daar, om twee uur, met ons drieën, eigenlijk in complete stilte omdat we niet wisten wat we moesten zeggen, zo mooi was het. Het meer bij de gletsjer is 200 meter diep en het is het grootste meer van IJsland. Het is jammer dat jullie er niet bij waren, want deze gletsjer was echt onbeschrijflijk mooi.
Na een minuut of tien zo sprakeloos te hebben gezeten op het zwarte zand, besloten we dat het echt tijd was om te gaan slapen. De dag erna hebben we onze spullen gep
akt en zijn we met onze tent verhuisd naar het mooie zwarte strand van de gletsjer. We wilden eigenlijk de hele dag gaan rondlopen hier, maar helaas –en hier zijn we intussen écht aan gewend- veranderde het weer ineens in enorme wind en regen. IJsland verbaast me nog steeds; je ziet hier alle seizoenen op één dag voorbij komen. Maar goed, we bleven lekker in de tent en vertelden elkaar verhalen en lazen wat boeken. De dag erna was hetzelfde verhaal helaas, maar de dag dáárna scheen de zon en konden we, zonnebrandcrème in de aanslag, weer een stuk verder gaan fietsen, op weg naar het Skaftafell National Park, bijnaam: de IJslandse Alpen. We zijn benieuwd!
Lesje IJslands: in en rondom het huis
Keuken – eldhús
Woonkamer – dagstofa, stofa or in old houses – baðstofa
Slaapkamer- svefnherbergi
Badkamer – baðherbergi
Kantoor – skrifstofa
Tuin- garður
Garage – bílskúr
Veranda – búr
Geschreven door: Tom Cartledge
Vertaald door: Loes van de Ven
De leukste stadsparken in Nederland!
Wij Nederlanders zijn zo: in de zomer komen we allemaal uit onze wintercocoon tevoorschijn en gaan we massaal sociaal doen in het park. In de zomer zie je eigenlijk pas hoeveel mensen er eigenlijk in zo’n stad wonen! Stadsparken zijn mateloos populair en terecht, want lekker luieren in het gras, picknicken, voetballen, of lezen, is een ideale dagbesteding bij mooi weer. Een overzichtje van de leukste parken in Nederland om je zonnige zaterdag door te brengen.
We beginnen in onze eigen hoofdstad. En dan gaan we niet cliché in het Vondelpark zitten natuurlijk, want Amsterdam heeft méér te bieden. Zoals bijvoorbeeld het Westerpark; een groot park met vijvertjes, eendjes, en allerlei soorten publiek. Tijdens deze afgelopen mooie weekenden is de trend alweer gezet: koop zo’n wegwerp bbq en ga gewapend met wijn, worsten en broodjes het park in. Wedden dat je dan ook nog vrienden maakt?
In Nijmegen ligt het bekende Goffertpark, een uitgebreid park met een speelweide in het midden. Ideaal ook om de kids mee naartoe te nemen want het park is uitgerust met een kinderboerderij en een openluchtzwembad. En natuurlijk kun je lekker wegzwijmelen bij het idee dat U2 en The Rolling Stones hier ook ooit voet op bodem hebben gezet.
Het Stadspark in Groningen is een heerlijk plekje om je zonnige dag door te brengen. Ook uitgerust met vijvers en terrasjes, is dit een geliefde plek voor jong en oud. Er worden nog steeds festivals en paardenraces gehouden.
Ook het Maastrichts stadspark is goed vertoeven. Het heeft verschillende delen, die allemaal een heel andere sfeer hebben. Zo is er een deel waar je ongestoord je handdoek kunt neerleggen of kunt voetballen; een uitgestrekte ligweide. Ook zijn er wandelpaden door bossen aangelegd en voor gezinnen met kinderen is het hertenkampje een favoriete spot. Een lekker dagje uit in Maastricht dus!
Drie in één: de Stadsparken Rotterdam! Drie parken die met elkaar verbonden zijn en ‘de groene zone’ worden genoemd. Dat klinkt alsof je daar mucho fun kunt hebben en dat is ook zo! De drie aan elkaar geregen parken zijn het Gouvernepark, het Park aan de Maas en het Museumpark. Heerlijk en groot genoeg om in de zomer een dagje te luieren.
Te laat voor de kreeften
Egilsstadir, de plaats in IJsland waar we jullie voor het laatst achterlieten, was een geweldige stad en ik had er veel moeite mee om weg te gaan. De gastvrijheid van de mensen en de relaxte sfeer in dit stadje; ik was eraan gehecht geraakt. Toch verlieten we eergisteren deze plek, om door te gaan richting het zuiden, naar de plaats Höfn. De fietstocht begon slecht (ja, daar gaan we weer, wéér die slechte wegen en die irritante wind). Je kunt er gewoon niets mee, je komt niet vooruit en slechte wegen en harde wind zijn in de loop van deze reis onze ingrediënten voor chagrijnigheid geworden, helaas. We probeerden nog een stukje te liften, maar ook dit lukte niet en uiteindelijk besloten we dat we dan maar onze tent moesten opzetten en het erbij moesten laten.
De volgende dag begon véél beter; de zon scheen, de wind was eindelijk weg en we kwamen op een geasfalteerde weg terecht, heerlijk! We hadden een superuitzicht, waar ik vroeger alleen van had durven dromen. Het landschap was ruig en het leek alsof we op de maan waren. Ik bleef maar denken: ‘waarom hebben ze hier niet Lord of the Rings opgenomen?’ Het zou een fantastische filmset zijn. In een nabij gelegen stadje stopten we een uurtje voor wat rust en lekker eten en toen ging onze reis weer verder en een paar uur later stopten we om te kamperen.
De dag erna zouden we aankomen in Höfn en die fietstocht was één van de meest beste tot nu toe; geen wind, de zon scheen, geen hoge bergen, gewoon relaxed fietsen. We waren weer helemaal in de stemming en hadden allemaal goede zin. Ware het niet dat we vanavond wéér pasta en bonen als avondeten zouden eten, daar word je wel een beetje gaar van, elke dag hetzelfde eten. Maar toen we stopten om ons potje te koken, en eens rondkeken in de omgeving, was het weer net zo mooi als anders en dat maakte alles weer goed.
Toen we uiteindelijk Höfn bereikten, beseften we dat we net een paar dagen te laat waren voor het ‘kreeftenfestival’. Blijkbaar wordt er in deze stad een paar dagen een feest gehouden waarbij alleen maar kreeften worden gegeten. Die wordt door iedereen gemaakt en ook gratis op straat uitgedeeld; dat zou een welkome afwisseling van onze maaltijd zijn geweest, maar helaas, je kunt niet alles hebben! De stad zag er inderdaad uit alsof er een paar dagen flink gefeest was, wij kwamen daar dus middenin de kater binnenvallen en zouden een paar dagen blijven. Later meer over deze kreeftenstad!
IJslandse les: natuur
Bos – skógur
Zee – sjó
Berg – fjall
Brug – Tjörnin
Gletsjer – jökull
Strand – fjara
Vulkaan – eldfjall
Meer- vatn
Rivier – fljót
Waterval – foss
Fjord – fjörður
Geschreven door: Tom Cartledge
Vertaald door: Loes van de Ven
Wat er allemaal mis kan gaan op reis
Wat, je paspoort vergeten? Niet meer geldig? Kwijt? Nee joh, dat gebeurt jóú toch niet? Cheqqer gaat met het schaamrood op de kaken met de billen bloot, want ook héél ervaren reizigers maken de meest genante reis bloopers. Hier vertelt Cheqqer wat er fout ging, en hoe, en vooral: hoe het opgelost werd.
Je gaat op reis en je neemt mee; tja, een paspoort is eigenlijk zó vanzelfsprekend dat je er niet over nadenkt. Nu ben ik in mijn leven op heel wat vliegvelden geweest, in heel wat landen en heb ik welgeteld drie pagina’s zónder stempels en visa in mijn paspoort. Je zou dus zeggen dat dit belangrijke rode boekje één van mijn beste vrienden is. Ja en nee. Onlangs vloog ik namelijk naar Servië, om het geniale EXIT festival bij te wonen. En dat werd me bijna door de neus geboord.
Waar een ID-kaart precies geldig is, tja, dat had ik eigenlijk nooit echt uitgezocht. Gewoon, in Europa toch? Dus leek het mij vrij logisch dat dit plastic pasje voor Servië wel genoeg was. Natuurlijk deed ik verder niet even de moeite om de achterkant hiervan eens goed te bekijken, of misschien de website van het Ministerie van Buitenlandse Zaken, nee joh, ‘hey hallo ik heb al vaker gereisd hoor’. De laksheid/arrogantie ten top. Zag m’n paspoort nog liggen en dacht even: zal ik ‘m anders toch nog meenemen? Gewoon voor de zekerheid. Nee joh. Veel teveel gedoe enzo.
Leuke van dit verhaal is dat ik op de landingsbaan van Schiphol woon, maar we vanuit Keulen, Duitsland, zouden vliegen. Helemaal met de trein dus, richting het zuiden van Nederland, waar mijn ouders ons (lees: ik en vriendin met ID-kaart) opwachtten met heerlijk eten en een lekker bed, zodat we de volgende ochtend op tijd naar het vliegveld konden. We zouden gezellig de halve finale gaan kijken enzo, allemaal leuk. Totdat mijn neef belde en vroeg: ‘heb je eigenlijk je paspoort bij je?’ Ik antwoordde dat je ook heus wel met je ID Servië binnen kwam, waarop eigenlijk de paniek meteen toesloeg. WAS DAT EIGENLIJK WEL ZO? De achterkant van mijn ID gaf niet veel moed: Geldig voor reizen naar landen die behoren tot de Europese Unie, alsmede voor Andorra, Liechtenstein, Monaco, Noorwegen, San Marino, Turkije, IJsland en Zwitserland. EU, EU, welke landen horen daar ook weer allemaal bij? Servië niet toch? Oh dit kon allemaal niet waar zijn. Een telefoontje naar de ambassade bevestigde: wij konden morgen niet met onze ID Servië binnen komen.
En nu? We zaten in Limburg, onze paspoorten lagen in Amsterdam, het was 21.00 uur ’s avonds en we vlogen de dag erna om 11.00 uur vanuit Duitsland. Praktischer kon het niet. Maar: met het verstand op nul en de WK finale op Radio 1, reden wij met de auto drie uur heen, drie uur terug, op en neer naar Amsterdam, om onze paspoorten te halen. We konden er meteen al om lachen. Wij, ervaren reizigers, hoe geloofwaardig kwamen we nog over…maar het was de moeite waard, want het festival was een once in a lifetime experience en we hebben nog wat geleerd ook!
Wat er verder fout ging in mijn reis carriére:
- We gingen eens met de trein…van Duitsland naar Moskou, van Moskou door heel Rusland, Mongolië en China, met de boot naar Japan, en…vanuit Tokio met HET VLIEGTUIG terug naar Nederland. Dachten wij even slim te zijn door een retourvlucht (goedkoper dan een enkeltje) te boeken: Amsterdam-Tokio à Tokio- Amsterdam. Maar ja, de heenvlucht gingen we natuurlijk niet, want we gingen met de trein. Wisten wij veel dat als je op de heenvlucht niet komt opdagen, de terugvlucht automatisch gecancelled wordt….Zes honderd euro armer dus om deze vlucht opnieuw te boeken. Je kunt het wél andersom doen natuurlijk; de heenvlucht wel, terugvlucht niet. Leve deze kennis.
- Toen we vervolgens onze vlucht in de immense stad Tokio moesten halen, zaten we in de verkeerde trein. Niet naar Narita Airport, maar naar het dórpje Narita, compleet de verkeerde kant op. Ook weer laksheid, maar gelukkig was er een aardige Japanner die door had dat wij zeker weten naar het vliegveld moesten en niet naar dat dorpje, dus deze man heeft ons vriendelijk de trein uit gezet.
- Na deze reis kwamen wij samen live op de radio op Weg met BNN, een radioprogramma over reizigers die een bijzondere reis maken. We moesten daarvoor naar Hilversum. Na ongeveer vijf maanden reizen, 20 000 kilometer met de train only, kregen we het voor elkaar om in Nederland de verkeerde trein naar Hilversum te nemen, waardoor we uitkwamen in Bussum ofzo? In ieder geval niet in Hilversum. En, dus waren we te laat voor een live radio programma. Ik werd op mijn mobiel gebeld door Sander de Heer, die het programma presenteerde en die ons vroeg waar we bleven. Stamelend vertelde ik (live in de uitzending al) dat we de verkeerde trein hadden genomen, waarop hij zei dat we maar een taxi moesten nemen op kosten van BNN. Tegen de chauffeur zeiden we dat ie écht moest opschieten en dus reden we met bijna 180 km/u richting Hilversum, waar ze inmiddels alles omgegooid hadden om ons nog in het programma te krijgen. Zo stonden we dus compleet voor schut als wereldreizigers, ten overstaan van alle luisteraars. Ai!
Wij hebben ons lesje wel geleerd. Jij ook? Laat het Cheqqer dan weten!
Zien en gezien worden
Het ligt er maar net aan wat je wil. Of wie je bent. En wat je doet. Ben je jong, vrijgezel, geniet je van het leven, houd je van een feestje en houd je je scharrels in een turflijstje op de muur naast je bed bij? Draag je de mooiste shoes, zelfs op het strand en zoek je je spiegelbeeld in elke winkelruit? Dan is een ‘zien en gezien worden’ vakantie wel iets voor jou. Alle gekheid op een stokje, maar er bestáán stranden, clubs en steden, waar de nepmensen van de wereld zich verzamelen en alleen maar oog hebben voor de mooiste juwelen, schoenen en zonnebrillen. Wil je daar bij horen of ben je gewoon nieuwsgierig? Dan zijn dit the places to be.
Nou, neem die Pradajurk maar mee als je naar Saint Tropez gaat; de klassiek chique stad waar de rijken ter wereld komen pronken. Pronken met wat? De oude rijke mannen pronken met hun jonge blondine, superdeluxe boot, Yves Saint Laurent driedelig pak (jahaa ook in de zomer) en dure champagne. De vrouwen pronken zelfs met hun teennagels, nep natuurlijk, maar gedaan door de béste nagelstylist in town. Heb jij geen Cadillac en een paar vetrolletjes teveel? Geen probleem, in Saint Tropez leeft iedereen in harmonie naast elkaar.
Marbella is natuurlijk dé stad om gezien te worden in Spanje. Natúúrlijk neem je je merkslippers, merkbadpak, merknagellak, echte Dolce & Gabbana zonnebril, echte Rolex en echte bruine kleur mee naar dit strand. Zien en gezien worden is het hier. En voel je je niet mooi, sexy, leuk of chique genoeg? No worries, voor jou tien anderen!
Wil je na een aan de coke verslaafde filmster per ongeluk trouwen nadat je net je halve vermogen hebt gespendeerd aan het casino? Misschien is Las Vegas dan iets voor jou. En uh, die dure kleren tellen hier niet, iedereen is toch te dronken om zich jouw outfit te herinneren!
Ook de mooie stad Londen is bezaaid met clubs waar je niet binnen mag als er een millimetertje nagellak van je nagel af is. Zwaai vooral met je creditcard in de wijken rond SoHo en de rest van de binnenstad; dan kom je er misschien in!
Clifton Beach in Kaapstad is dé kans om beroemd te worden. Internationale sterren komen hier met de bosjes heen om hun vakantie te vieren en jij kan daar gewoon bij horen! Neem je mooiste bikini mee en zorg dat je make up en haar, wat er ook gebeurt, zitten zoals in The Bold and the Beautiful.
Wanneer gaat walvisjagen stoppen? Tom Cartledge zocht het voor ons uit in IJsland!
Walvisjagen in IJsland dateert terug van eeuwen geleden, toen de Noren nog aan de macht waren in dit land. Omdat ik hier met mijn neus bovenop deze verhitte discussies zit, hier een blog geheel gewijd aan walvisjagen en wat de locals daarvan vinden. Walvisjagen in IJsland begon omdat de tanden van een walvis erg kostbaar zijn. Daarna pas werd ontdekt dat ook het vlees van de walvis eetbaar was. Een walvis wordt met een speer verwond, waarna hij meestal aanspoelt aan land. Vroeger was het dan vechten om het karkas; en degenen die de walvis vonden hadden de jackpot gewonnen. Jackpot betekent in het IJslands precies hetzelfde als walvis; hvalreki. De hedendaagse manier van walvisjagen is niet door IJsland in het leven geroepen, maar door Noorwegen. De landen Japan, Noorwegen en IJsland zijn de landen die vandaag de dag aan walvisjagen doen, en ook al bestaan er geen duidelijke regels voor, in 1986 werd de International Whaling Commission in het leven geroepen, die in zekere mate invloed heeft op de hoeveelheid walvissen waar op gejaagd mag worden.
De discussie over walvisjagen is verhit en loopt hoog op. Gaat whaling nog stoppen? Is het eigenlijk goed voor de economie en zouden we niet veel duidelijkere regels moeten stellen tegen het uitroeien van deze mooie dieren? Ik sprak met een aantal vissers in IJsland, die mij meestal het idee gaven tegen whaling te zijn. Niet alleen omdat de walvis met uitsterven bedreigd wordt, maar ook omdat de IJslandse economie eigenlijk een stuk beter zou kunnen teren op walvis spotten in plaats van jagen. Reykjavik en Husavik zijn namelijk dé plekken in IJsland waar de lokale bevolking bakken met geld verdient juist door de walvissen aan toeristen te laten zien en niet door ze te doden. De meeste mensen in IJsland zijn dus ook tegen walvisjagen, however, om de verkeerde redenen. Natuurlijk zijn er ook andere meningen en ik vond het moeilijk om te horen, maar sommige mensen zeiden gewoon iets in de trant van: ‘we moeten niet zo zeuren, de walvis wordt helemaal niet met uitsterven bedreigd en ik moet ook gewoon mijn rekeningen betalen.’ Hard maar waar…
IJsland heeft wat betreft het behouden van natuur eigenlijk altijd een goede naam gehad; het land herbergt een boel natuurlijke bronnen die elders in de wereld niet voorkomen en zorgt goed voor haar natuur. Maar walvisjagen heeft dit imago terecht onderuit gehaald en ik persoonlijk denk dat het heel slecht is voor de economie in IJsland. Er zijn duizenden mensen die petities tekenen van bijvoorbeeld Greenpeace om niet op vakantie te gaan in IJsland totdat het brute doden van deze mooie dieren stopt, en terecht. En hier kom ik weer op het onderwerp: IJsland als vakantieland. IJsland kan zoveel meer te bieden hebben dan het nu biedt. De walvissen zijn daar maar een voorbeeld van; die zijn levend beter voor toeristen dan als kebab op een broodje. IJsland kan zelfs uitstijgen boven toeristenknallers als New Zeeland, maar de regering pakt dit totaal verkeerd aan. Er zijn ook zoveel mooie plekken om te duiken hier bijvoorbeeld, maar er is niemand die het weet, ook wij niet, terwijl wij hier op vakantie zijn. De enige manier om erachter te komen is omdat locals het vaak toevallig weten en dat is meer dan zonde.
Ik hoop met heel mijn hart dat walvisjagen snel stopt, maar ik geloof er nog niet echt in. De mensen hier moeten zich realiseren hoe belangrijk deze mooie dieren voor hen zijn. Niet alleen voor de oceanen, maar ook voor de economie. Tot dan, fingers crossed!
Geschreven door: Tom Cartledge
Vertaald door: Loes van de Ven
EXIT festival in Servië; Cheqqer was there!
Naar een festival gaan, is niet alleen maar feesten, nee, je moet ook denken aan dingen als je paspoort, genoeg haringen en je voorbereiden op weinig slapen. Ik was op dit geweldige festival, dat we op sommige momenten vervloekten en ‘vernietigingskamp’ noemden, maar ik had de tijd van mijn leven. Hier een verslag van de dingen die ik me nog kan herinneren! J
Nu ben ik in mijn leven van hot naar her gereisd, heb ik duizenden kilometers afgelegd in verre landen en steden waar niemand ooit nog van had gehoord. En dan denk je dat je een ervaren reiziger bent. Niet dus. Mijn EXIT festival begon zo:
We zouden woensdagochtend vliegen vanuit Duitsland en daarom dinsdagvond alvast naar mijn ouders gaan in Limburg. Daar aangekomen, kwamen we erachter dat je met een ID-kaart Servië niet binnen komt. DUH! Toen moesten we met de auto helemaal op en neer naar Amsterdam om onze paspoorten op te halen (in totaal zes uur rijden) en waren we dus al vóór het festival begon, gaar. We vervloekten onszelf, hóé konden we dit nu weer over het hoofd gezien hebben?
In Servië aangekomen en eindelijk onze tent opgezet, kon het feest beginnen. Het was een geweldig campingterrein en als je dan net aankomt, begint die zoektocht; wie zouden onze vrienden voor deze week worden? Dat wordt op zo’n festival namelijk echt de eerste twee dagen bepaald, erg grappig. Een wandeling rond de camping maakte ons duidelijk met hoeveel Nederlanders we eigenlijk vertegenwoordigd waren; héél veel. Overal hingen vlaggen, we waren zeer aanwezig en allemaal zeer aardig voor elkaar. De eerste avond was er een campingfeest; maar eerst zagen we Duitsland verslagen worden door de Spanjaarden, heerlijk!
De tweede dag begon dan daadwerkelijk het festival. Met een line up waar Mika, techno en electronical music op prijkten, beloofde dit een super avond te worden. En zo geschiedde; tot in de late uurtjes toen de zon allang weer boven de Donau uitsteeg, feestten we door om even later weer uitgeput onze tent te bereiken. Zo ging het voortaan elke dag; overdag chillen in de schaduw met de mensen op de camping, ’s avonds met diezelfde mensen het enorme festivalterrein verkennen.
En het terrein was van ongekende schoonheid. Het was gebouwd op een enorm en heel oud fort, dat vroeger natuurlijk niet voor festivals gebruikt werd. Maar deze locatie was super; een beetje mysterieus en immens, met vele trappen naar de sterren, die leidden naar stages die hoog boven de anderen lagen. Eén van de hoogtepunten qua muziek was zeer zeker Moderat, een Duitse electro band die echt het hele festival op zijn kop zette. Het dieptepunt was zéker wel het optreden van The Chemical Brothers; de hele main stage stond bomvol met mensen en helaas waren de twee enorme speakers aan de zijkant uitgevallen waardoor niemand iets kon horen. De boys zelf hadden dit niet in de gaten. Erg jammer…
Na al deze dagen op een hete camping, was het de laatste dag, gebruikmakend van onze laatste energie, dan eindelijk tijd om ook even de stad, Novi Sad, te verkennen. Na drie kwartier lopen bereikten we het gezellige centrum van deze stad ter grootte van Tilburg. Na een goede maaltijd waren we klaar voor de finale van het WK. ‘Alle Nederlanders verzamelen’, hoorden we uit alle hoeken en gaten van de camping en nog onwetende van de vreselijke uitslag, marcheerden we vrolijk met zijn allen naar het festivalterrein, om onze nederlaag op een enorm scherm te aanschouwen. Maar het voordel van EXIT boven het Museumplein was die avond: gewoon de stage uitlopen en je laten meevoeren door wéér een avond muziek. Biertje erbij en vergeten dat WK! Helaas is dit geweldige festival nu weer tot een eind gekomen, maar ach, dat hoort erbij.
Cheqqer draait nu weer op volle toeren vanuit Amsterdam!

